Zesjescultuur is typisch Nederlands onder scholieren

Foto: NOBB

Steeds meer scholieren doen een zogenoemde pret-herkansing. Zesjescultuur, een herkansing die niet nodig is om te slagen, maar wel nodig is als je je cijferlijst een beetje wil opkrikken. Bijvoorbeeld voor een toelating of om kans te maken op een studiebeurs. Volgens De Stentor doet de helft tot tweederde van de herkansers dat.

Is dat een goede zaak dat scholieren op het laatste nippertje nog een extra tandje bijzetten voor een hoger cijfer? Ruim zeventig procent van onze lezers vindt van wel. Dertig procent is het er niet mee eens.

Inzet

Martin in ’t Veld ziet een voordeel in leerlingen die zich nog eens extra inzetten. „Misschien vinden we dat cijfers niet tellen ‘in het echte leven’ maar daar ben ik het niet mee eens. Er wordt wel degelijk naar gekeken. Wat zeker nog meer telt is de ambitie die getoond wordt om het beter te doen, zichzelf te verbeteren. Ik zou eerder iemand aannemen die van een 6 een 7 heeft gemaakt in een tweede poging dan iemand die in 1 keer een 8 of 9 haalt.”

Stimuleren

„De zesjescultuur is typisch Nederlands, doe maar gewoon”, zegt Ronald Nijenhuis. Het heeft wel grenzen. „Tuurlijk is het goed dat jongeren gestimuleerd worden om goed te presteren. Maar stimuleren is iets anders dan zwaar onder druk zetten. Daar krijgen al die kinderen enorme stress van. En dat kan niet de bedoeling zijn. Leren moet ook gewoon leuk zijn….” Willem de Bruijn doet daar een schepje bovenop: „We kunnen met z’n allen gewoon beter. Waarom dan niet doen? Gewoon het beste uit jezelf halen en geen genoegen nemen met minder dan je kunt.”

Elles Heiner baalt een beetje van de regels. Haar zoon wil doorstromen van het vmbo naar havo. „Soms moet je wel. Mijn zoon heeft 0,1 hoger nodig om naar de havo te mogen.”

Reacties